Direct naar content

Directeur Saskia: “Als één team om het kind heen, daar willen we naartoe groeien.”

“Als één team om het kind heen, daar willen we naartoe groeien.” – Saskia Boerkamp, adjunct-directeur Park16hoven

“Slimmer Organiseren is nodig om het lerarentekort en de hoge werkdruk aan te pakken. Bij onze school is Slimmer Organiseren vooral ook een invulling van onze onderwijsvisie: wij geloven niet meer in klassikaal onderwijs, zeker nu het curriculum zo breed is geworden en de klassen groot en divers van niveau zijn. Eén leerkracht kan dan nooit elk kind een passend aanbod in alle vakken doen. Onze onderwijsvisie is gedifferentieerder werken in kleine groepjes. Dat kan bij ons, want daar hebben we ons hele schoolgebouw, onze lokalen en leerpleinen, op ingericht. Elke vierkante meter is de hele dag in gebruik door kinderen. Dat kan alleen als je meer in teamverband om het kind heen gaat staan én daarbij ook de opvangorganisatie betrekt. Als één team om het kind heen, daar willen we naartoe groeien. Daarom ondersteunen pedagogisch medewerkers van Norlandia ons als onderwijsassistent onderbouw en zetten wij BSO-talent in als vakleerkracht bij sport en bij wetenschap en techniek. Dit ontlast onze leerkrachten, onze kinderen krijgen leuke lessen en activiteiten en de BSO’ers hebben grotere contracten met meer uren, omdat ze voor, tijdens en na school werken. Dat geeft ze ook een beter inkomen en groeiperspectief.”

BSO-talent sport en Maakotheek
“Wij hebben de BSO nodig om onze onderwijsvisie te realiseren en om de druk op de leerkrachten te verlichten. Vandaar dat we in gesprek zijn gegaan met Norlandia om te kijken welke talenten daar rondlopen. We hebben samen een lijst gemaakt met de opleidingen en werkervaring van hun pedagogisch medewerkers. We hebben nu een BSO’er die onderwijsassistent is bij de onderbouw. Voor de gymlessen hebben we sport-BSO’ers voor een aantal groepen onderbouw en dat willen we uitbreiden naar de bovenbouw. Daarnaast ondersteunt een BSO-talent ons bij de Maakotheeklessen van wetenschap en techniek. Ik zie ook dat het onze startende leerkrachten enorm helpt. Die starters komen opeens voor een volle klas te staan waar ze alle vakken moeten geven. Wij willen de starters behouden voor het vak van leerkracht en de school, dus dan is het prettig als een specialist een techniek- of gymlessen overneemt. Dat geeft je extra tijd voor lesvoorbereiding of om met een groepje taal of rekenen op te pakken. Voor ons is het ook fijn als er op de leerpleinen altijd een pedagogisch medewerker rondloopt die de kinderen in de gaten houdt, vragen kan beantwoorden of een deel van de klas kan overnemen.”

Doorgaande lijn, dezelfde activiteiten
“Eigenlijk moet je de school en de BSO zien als één gebouw dat van zeven tot zeven open is, waar we dezelfde taal spreken en waar we hetzelfde pedagogisch klimaat creëren in een doorgaande lijn. Dat is ook goed voor de sociaal-emotionele ontwikkeling van een kind.

Een andere stap die we daarvoor hebben gezet, is dat we de activiteiten van het doelenbord op elkaar aansluiten. Wat kinderen in BSO-tijd doen, ligt in het verlengde van ons aanbod op school. In BSO-tijd is het niet echt leren, maar prikkelen met activiteiten die met wetenschap en technologie, kunst en cultuur of sport en bewegen te maken hebben. Dit wordt inhoudelijk makkelijker als het dezelfde BSO’er zijn die ons ook al ondersteunen bij de lessen en op de leerpleinen. Voor de kinderen is dat ook fijn, want ze kennen gymmeester Eelco of Dennis van de Maakotheeklessen al.”

Naar elkaar toe groeien
“In de BSO en de kinderopvang heb je veel verloop van mensen. Ik snap dat ook wel, want BSO-medewerkers hebben kleine contracten en reizen soms van locatie naar locatie. Dus in het intensiever samenwerken zitten kansen voor de kinderopvang en de BSO. Als school kunnen wij de pedagogisch medewerkers in schooltijd inzetten en ze daarmee een werkweek met meer uren bieden. Ze kunnen voor, tijdens en na schooltijd werken op de BSO én op de school. Zoals al eerder aangegeven, daar profiteren wij als school ook van: het past bij onze onderwijsvisie en het ontlast leerkrachten. Naar deze natuurlijke, gelijkwaardige en intensieve samenwerking willen wij samen naartoe groeien. Daar zijn we nog niet, want er zijn nog wel wat barrières. We zijn duidelijk nog twee organisaties met twee culturen en aparte begrotingen en specifieke eisen vanuit onderwijsinspecties en ggd.”

Mindset, cultuur en teambuidling
“Of ik advies heb? Je moet aandacht besteden aan mindset, cultuur en teambuilding. Sommige leerkrachten zijn direct enthousiast en bij andere leerkrachten is een verandering in mindset nodig. Een onderwijsassistent is niet een hulpje in de klas en we moeten af van dit hiërarchisch denken. We willen naar een cultuur waarin we elkaar en elkaars talenten zien, waarderen en inzetten. Daarin heeft ieder zijn eigen rol: de leerkracht is meer de didacticus en de onderwijsassistent kan heel goed bepaalde taken voor bepaalde leerlingen overnemen. Cultuurverandering geldt ook voor de BSO. Sommige medewerkers denken vanuit die werkomgeving nog in uurtje-factuurtje. Dat is logisch als je weinig uren hebt, maar daar kun je in het onderwijs niet mee aankomen. Bij intensieve samenwerking ben je lid van een team om het kind heen en daar zet je je volledig voor in. Wij moeten het met elkaar doen en als bestuur moet je aandacht hebben voor teambuilding vanuit een gedeelde onderwijsvisie. Daarom is het zo belangrijk dat de BSO’ers echt in je onderwijs komen, want anders blijf je op twee eilanden zitten. Je moet echt vanuit één team denken.”

Stapsgewijs Slimmer Organiseren
“Als het in onze begroting past, willen we in de toekomst meer gebruik maken van de pedagogisch medewerkers van de BSO. In overleg met de twee besturen moeten we kijken welke talenten er aanwezig zijn en hoe we ze aanvullende opleidingen kunnen bieden via bijvoorbeeld Zadkine of Albeda. Ook praten we over een continuïteitsrooster waarbij de BSO’er in de ochtend of in de middag kan werken. De uren zijn dan verdeeld over BSO en school. Dat zorgt voor continuïteit en zekerheid voor alle partijen

Ik zit ook in de werkgroep die vanuit ons het bestuur bezig is met Slimmer Organiseren. Slimmer Organiseren is niet iets wat je zomaar doet. Je moet bereid zijn het oude in een ander perspectief te zetten en je eigen organisatie en methodes los te laten. Die puzzel ga je anders in elkaar zetten en dat doe je niet in één keer, maar stapsgewijs en met elkaar.”