Dagprogrammering van start!

05 september 2019

Deze week starten 30 basisscholen op Zuid met Dagprogrammering. De circa 7.500 leerlingen in de Children’s Zone krijgen per week 10 uur extra activiteiten aangeboden, gericht op brede ontwikkeling en het vergroten van hun kansen. Een unieke aanpak in Nederland, die door de gemeente Rotterdam en het Rijk wordt gefinancierd.

Wethouder Said Kasmi (Onderwijs): "We vinden het belangrijk dat alle kinderen in Rotterdam gelijke kansen krijgen en het beste uit zichzelf halen. Van huis uit komen kinderen niet altijd in aanraking met activiteiten waar zij hun talenten kunnen ontdekken of ontplooien. In Rotterdam-Zuid helpen we hen daarbij, via de dagprogrammering."

Bij de activiteiten van Dagprogrammering gaat het niet alleen om taal en rekenen, maar ook om sociaal-emotionele ontwikkeling, sport, kunst, cultuur, natuur en oriëntatie op het beroepsleven. Iedere school vult de activiteiten op zijn eigen manier in, passend bij het profiel van de school, de leerkrachten, de leerlingen en hun ouders. ‘We investeren in de activiteiten die daadwerkelijk het verschil gaan maken voor onze kinderen,” aldus Firdevs Durgut, directeur van basisschool De Kameleon. Scholen werken hierin samen met verschillende partijen, zoals welzijnspartijen en sport- en cultuuraanbieders.

Talenten
Het beter benutten van talenten van de Rotterdamse kinderen op Zuid draagt dus bij aan hun persoonlijke ontwikkeling en vergroot de kansen van deze kinderen. Dat is niet alleen goed voor de jeugd, maar ook voor Rotterdam. "Als je in het primair onderwijs kinderen een extra zetje geeft is dat een belangrijke impuls, voor hen, maar ook voor de stad en de maatschappij," benadrukt Marco Pastors, directeur Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ).

Meer ruimte
Ook kan deze vorm van onderwijsvernieuwing bijdragen aan het aantrekkelijker maken van het lerarenberoep. Leraren worden bijvoorbeeld meer ontlast, omdat de scholen gaan samenwerken met partijen uit de wijk die een deel van de activiteiten uitvoeren. Hierdoor ontstaat voor leerkrachten meer ruimte om lessen voor te bereiden, toetsen na te kijken of gewoon om even pauze te hebben.