Terug naar masterplan
Interview met Henk Post, Voorzitter Raad van Bestuur Christelijk Voortgezet Onderwijs

Je kan geen stad ontwerpen zonder aan de onderwijsinstellingen te denken of scholen bouwen zonder de stad in gedachten te houden.

“Mijn basisschool was tien minuten lopen van ons huis vandaan. Vervolgens volgde ik het basisschooladvies voor mijn middelbare school waarna ik wederom vlakbij huis bleef en aan de Universiteit Leiden ging studeren. Ik was niet het prototype van de reislustige wereldburger. Het waren pragmatische keuzen.”

Henk Post, Voorzitter Raad van Bestuur CVO, ziet tegenwoordig een andere tendens: de school moet aansluiten bij de behoeftes van ouder en kind. “In essentie betekent dit dat de plek eraan bijdraagt dat het kind kan worden wie hij is.” Wanneer de school in de buurt hier niet aan voldoet, kiezen gezinnen voor scholen in andere wijken of zelfs buiten de stad. “Zonde, want scholing is een belangrijke katalysator voor de leefbaarheid van de stad. We moeten onze omgeving zo aantrekkelijk maken dat kinderen uit de wijde omtrek naar de stad willen. Als die drive er is, dan willen de ouders er wonen.”

De stad en de scholen bepalen samen of Rotterdam een succes is. “Je kan geen stad ontwerpen zonder aan de onderwijsinstellingen te denken of scholen bouwen zonder de stad in gedachten te houden. Scholen moeten met de stad mee-ademen.” Wijken die vandaag de dag groeien door de komst van jonge gezinnen, zullen over twintig jaar krimpen wanneer de kinderen het huis uit gaan. Ook zorgt een veranderende economie voor een veranderende bevolkingssamenstelling. Stedenbouw is hierdoor alsmaar in ontwikkeling. “Terwijl scholen statisch zijn. Een gebouw staat op één plek. Het is onze taak om ons er continu bewust van te zijn waaraan behoefte is, welk profiel een plek nodig heeft en hoe we hiervoor kunnen zorgen.”

Als voorbeeld geeft Post het Zuidergymnasium in Rotterdam-Zuid. “In eerste instantie zag niemand het zitten om daar een nieuw schoolgebouw neer te zetten. Er zou geen behoefte aan zijn. Maar kijk nu eens: de school is enorm populair, trekt kinderen vanuit andere stadsdelen en verhoogt de aantrekkelijkheid van Rotterdam-Zuid.

De wijk leeft op en is meer toekomstgericht. Mensen maken de stad. Planologen en onderwijsinstellingen moeten samen kijken naar hoe wij ervoor staan en wat er kan worden verbeterd. Die flexibiliteit kost tijd en geld en krijgen we alleen voor elkaar als wij het met zijn allen doen: ouders, schoolbesturen en de gemeente.”

De komende jaren moet volgens Post de focus op Rotterdam-Zuid liggen. “Hier woont een jonge bevolking en zit de nieuwe kern van de stad. Daarin moeten we gezamenlijk investeren. Niet door overal opnieuw het wiel uit te vinden maar door bijvoorbeeld de sterke scholen uit Rotterdam-Noord naar Zuid halen en de bestaande scholen in Rotterdam-Zuid sterker maken. Het Rotterdamse onderwijs zit in de lift wat betreft diversiteit in aanbod en kwaliteit. De stad komt uit een achterstandspositie en heeft een inhaalslag gemaakt. Rotterdam-Zuid moet daarvan gaan profiteren.”

Het is zijn doel om de leerlingen binnen het CVO te laten ontdekken wie zij zijn en om hen te leren om hun ambities waar te maken. In een moderne omgeving, met moderne scholen en modern onderwijs dat aansluit bij wat leerlingen in de toekomst nodig hebben. “Dat is niet perse hetzelfde als wat leerlingen nu nodig hebben. Wanneer de eerste leerlingen, die in het nieuwe schoolgebouw van het Zuidergymnasium starten, met hun diploma het pand verlaten, is het 2026. Om aan die lange termijn visie te voldoen, moeten we met zijn allen integraal blijven nadenken over stedenbouwkundige ontwikkelingen en onderwijsontwikkelingen. Wanneer een wijk wordt ontwikkeld, moeten we ook over zijn scholen nadenken. Dat gebeurt al, maar kan beter. Doordat grond in de stad schaars is, is dit een dilemma. Dat is begrijpelijk, maar laten we niet vergeten dat scholen onlosmakelijk zijn verbonden met een samenleving. Hierin zijn kinderen de toekomstige inwoners.”