Van accountmanager naar docent wiskunde

Youssef Alellou

Hij kwam in 1990 vanuit Marokko naar Nederland. Youssef Alellou (53) had niets, zelfs geen verblijfsvergunning. Na enkele jaren gewerkt te hebben bij de migrantenomroep kreeg hij een kans bij Achmea. Hij begon als baliemedewerker en ontwikkelde zich tot accountmanager. Waarom verruilde Youssef 4,5 jaar geleden deze prima baan voor het onderwijs? Blijkbaar was het een goede keuze, want de huidige wiskundeleraar aan het LMC Slinge stond een jaar voor de klas toen zijn leerlingen hem nomineerden voor leraar van het jaar. Youssef: ‘Deze leerlingen hebben een vaderfiguur nodig’.

Het is een opmerkelijke carrièreswitch: van accountmanager naar docent wiskunde. Hoe kwam u daartoe?
‘Nederland heeft mij allerlei kansen gegeven. Ik ben getrouwd, mijn vier kinderen krijgen hier ook alle kansen. Mijn oudste zit op de universiteit. Ik wilde iets teruggeven aan de Nederlandse maatschappij. Daarom meldde ik mij aan voor de lerenopleiding aan de Hogeschool Rotterdam.’

Waarom wiskunde?
‘In Marokko heb ik twee jaar natuur- en wiskunde gestudeerd, maar de studie niet afgerond. Wiskunde was dus een logische stap. Op dit moment sta ik op het punt mijn diploma te behalen. Daarna ga ik door met de opleiding tot docent natuurkunde. Het grappige is: mijn dochter van 20 jaar doet de lerarenopleiding Nederlands.  Wij komen elkaar dus tegen op school.’

Hoe was het om na al die jaren opeens voor de klas te staan?
‘Ik heb eerst een half jaar op een school in den Haag gewerkt. Daarna ging ik aan de slag op het LMC Slinge. Ik moest erg wennen. De eerste weken was ik autoritair en zakelijk. Dat bleek bij deze leerlingen van vmbo-kader en basisberoeps niet te werken. Het contact met deze leerlingen is erg belangrijk. Ik werd losser in de omgang, ging het gesprek aan met de klas en individuele leerlingen. Nu heerst er een soort familiegevoel in de klas. Leerlingen voelen zich veilig en geaccepteerd. Dat is de basis van waaruit ik les geef. Ik benader hen positief. Ik benadruk wat de leerlingen goed doen en geef continu complimenten.’

Hoe gaat het met uw leerlingen?
‘Ik schat dat zeker eenderde ernstige problemen heeft. Ze hebben te maken met ouders en familieleden die drank- en drugsverslaving of andere problemen hebben. Ouders maken ruzie, hebben huwelijksproblemen of liggen in scheiding. Leerlingen slapen slecht. Thuis huiswerk maken is voor deze groep niet mogelijk. Ze zijn daarom na schooltijd welkom in mijn lokaal. Ze kunnen rustig huiswerk maken en ik geef ook bijles.’

Praat u met de leerlingen over hun toekomst?
‘Heel vaak. Ik vertel mijn eigen levensverhaal. Toen ik hier kwam, had ik niets. Nu heb ik alles wat ik wil: een gezin, een goede opleiding, werk.  Ik vertel de leerlingen dat ook zij kansen krijgen. Maar die moeten ze dan wel pakken. Ik wil hen leren denken in mogelijkheden en kansen. De leerlingen geven mij veel terug. Ik voel hun dankbaarheid en liefde. Dat is ontzettend fijn.’